Maarten van Rossumpad (aug 2008)

Lieve lezer(essen)s van mijn wandelavonturen,

Reisverslag Maarten van Rossumpad
van Arnhem naar Buren
donderdag 28 augustus t/m zaterdag 30 augustus 2008MvR
Donderdag 28 augustus 2008
Arnhem – Doorwerth
Even na half negen in de ochtend loop ik naar het station. Het is bewolkt, windstil en 19 graden in de plus. Het is echt ‘grijzig’ weer. In het noorden is er kans op motregen.
De laatste weken – eigenlijk sinds de laatste voettocht, oh, oh, wat was het toen heet – heeft het veel geregend. Voor de komende dagen wordt er eindelijk wat beter weer verwacht. Momenteel ziet dat er nog niet naar uit, maar ik houd moed.


Zo te zien zijn de scholen weer begonnen, ik zie veel jonge mensen op het station.
Vanuit de trein zie ik heel even de zon, maar al heel snel verdwijnt hij weer achter de wolken. Het gaat allemaal volgens dienstregeling en in Arnhem zie ik Joke. Deze keer gaan we met z’n tweeën, alle anderen van ons ‘clubje’ zijn verhinderd. Via de Bouriciusstraat lopen we naar het bezoekerscentrum. Zo langzamerhand kan ik deze route wel dromen, ondertussen heb ik dit stukje al diverse keren gelopen. De vorige keer stond hier nog een ‘keet’ in verband met de verbouwing van het bezoekerscentrum. Inmiddels is het geopend en het ziet er allemaal prima uit. Er is ook een restaurantgedeelte en daar gaat het ons om. Ik begin met KMA, hoewel, dit is geen appeltaart, maar kwark. Hier moet ik toch zeker tot de lunch op kunnen lopen. Twintig over elf stappen we op. Pal naast het bezoekerscentrum staat de Witte Watermolen. Ooit stonden er aan de Sint-Jansbeek zeven papier- en korenmolens, nu zijn er nog twee over. In de witte Watermolen zijn diverse broodmixen te koop.
De receptenboeken zijn in het bezoekerscentrum verkrijgbaar. Broodbakmachines heb ik er niet gezien. Dat wordt morgenochtend weer gewoon havermoutse pap. Voor de zoveelste keer lopen we Park Sonsbeek in. Zoals al eerder gememoreerd is dit park eind 19e eeuw gesticht door welgestelde particulieren. In 1899 is het park door de gemeente Arnhem aangekocht. Ook nu is er weer wat te doen. Overal staat ‘kunst’ opgesteld. Het moet wel wat bijzonders zijn, want er lopen vele schoolklassen rond bewapend met pen en papier. De eerste paar kilometer lopen gelijk op met het Veluwe Zwerfpad en uiteraard komen we weer langs kasteel Zijpendaal. De tuin van manege, tevens mini-camping ‘Het Lage Erf’ ziet er deze keer iets beter uit.
De dahlia’s staan in bloei, dat oogt meteen een stuk prettiger. Even verder strijken we neer op een bankje voor de lunch. Tegenover ons staan in een weilandje en aantal ‘Lakenvelders’. Dit is de rode soort, er zijn ook zwarte Lakenvelders. De witte band moet rondom ongeveer even breed zijn, de koe links achter is het best gelukt. Om de hoek bij het weiland ligt dit prachtige vennetje. Een paar kilometer verder steken we de N224 over. Het terrein wordt enigszins heuvelachtig. In dit weiland staat roodbont vee, maar ook een mij onbekend ras. We lopen landgoed Mariëndaal op. Het is in 1392 gesticht als Augustijnerklooster, dat sinds lang gesloopt is. Het landgoed staat bekend om zijn zogeheten: Groene Bedstee’, een tunnel gevormd door beukenhagen. De geel/blauwe markering is van de Jac. Gazenbeekweg, een wandelroute van Arnhem naar Harderwijk. Uiteraard loopt de wandelroute ook van Harderwijk naar Arnhem en beide heb ik gelopen. Dit moet het huidige landhuis Mariëndaal wel zijn. Het zal ongetwijfeld door een instantie gebruikt worden, maar ik heb geen idee welke. Er staat geen bord, dat is wel een gemis. Onze wandelroute loopt langs de oost- en daarna zuidrand van Oosterbeek. Het dorp zelf krijgen we niet te zien. We maken nog een ommetje door de Rosande polder. Het begint te stijgen. Ai, ik ken het hier wel, verderop ligt de uitspanning ‘De Westerbouwing’. Het loopt tegen drieën, tijd voor koffie met iets erbij. Een trap, en een beste ook. O.K., ik ken deze trap, als kind kwam ik hier al. De uitspanning is strategisch gelegen, helaas is dat aspect tijdens de planning van operatie ‘Market-Garden’ over het hoofd gezien. Ruik ik de koffie al? We lopen het terras op en er wacht ons een teleurstelling. De complete uitspanning is gesloten in verband met een huwelijk. Dat klopt, de dominee (?) voert het woord. Ik zie de bruid, ze is herkenbaar aan een enorm grote witte hoed. De bruidegom zit daar waarschijnlijk onder, hij is niet te zien. Zou hij nu al onder de plak zitten? Geen koffie dus, verder maar weer. Sowieso een mooie plek om elkaar het jawoord te geven. Strategisch gelegen dus, met een prachtig uitzicht over de Neder-Rijn. Zuid van Heveadorp gaat de route precies over de rand van de stuwwal. Door het bos en voortdurend omhoog en omlaag gaat het. Tegen vieren bereiken we kasteel Doorwerth, dat dateert uit de 13e eeuw. Tijdens de Slag om Arnhem raakte het kasteel zwaar beschadigd, maar inmiddels is het in oude luister hersteld. Groot is het sowieso, er zijn hier maar liefst drie musea gevestigd. Daar hebben we geen tijd voor, we gaan voor de koffie. Op de ophaalbrug loop ik een jonge man in pak tegen het lijf met een corsage in zijn knoopsgat. Nee hè, niet weer een huwelijk. Ik vraag het maar meteen en inderdaad, er is een huwelijk gaande. Is het kasteel afgehuurd, vraag ik? Gelukkig, dat is niet het geval, we kunnen terecht in het restaurant. Ik bestel koffie met niets erbij. Tja, de camping is een kwartiertje verder lopen, dus moet ik nog plek over houden voor de warme hap. Ik bestel nog een cola, het is toch dorstig weer. Het zit hier trouwens prima op het terras. Zou ridder Berend hier toen ook zo gezeten hebben? Cola hadden ze toen nog niet, ik denk dat hij aan het gerstenat zat. Dat is ook niet verkeerd. Tegen vijven stappen we op en al snel staan we voor mini-camping ‘De Boersberg’. In de schuur staat een deur open en ik zie jongelui bezig met het bereiden van een maaltijd. Ik vraag of we een nachtje kunnen kamperen. ‘Ongetwijfeld’, zegt een jongeman, ‘maar u moet achterom lopen’. ‘Wij zijn hier ook te gast, maar slapen in de boerderij’.
Ik krijg een idee, dit konden wel eens studenten zijn van de landbouwuniversiteit Wageningen. Dit is een mooie locatie voor een ontgroening. ‘Doen jullie rustig aan vanavond’, vraag ik. ‘Zeker wel’, is het antwoord, ‘morgenavond vieren we feest’.
Jammer, dat missen we precies. We lopen achterom en wat ziet mijn oog. Achter de schuur staan een veertigtal aankomend studenten opgesteld. Ze dragen allemaal een oude spijkerbroek en allemaal een identiek smoezelig T-shirt. Ze zien er allemaal even moe en afgedraaid uit. Daarbij zingen ze een voor mij onverstaanbaar lied. Het zou Latijn kunnen zijn, maar evengoed een dialect. Ik vind het tafereel aandoenlijk maar ook tamelijk stuitend en maak daarom geen foto. We lopen verder en melden ons bij de boerin.
We betalen (€7,60) en krijgen een plaats aangewezen. De plek is prima, dichtbij het sanitair maar ook dicht bij de stal. Er ligt ook een berg kuilgras. Al bij al ‘riekt’ het hier en beetje. Over landelijk gesproken. De tent staat binnen de kortste keren en ik begin met een kerriesoepje. Daarna volgt een Knorr-maaltijd. De begeleidende wijn heb ik gisteren in de Boni gekocht. Hij was in de aanbieding. Die neem ik normaal nooit, maar ja, deze komt uit Sicilië. Het is een witte Chardonnay uit 2007. Het is een typische tafelwijn met iets van fruit en iets van hout. Na de maaltijd loop ik naar het sanitair. Ik moet zeggen, nog nooit en nog nergens heb ik waar dan ook zo’n mooie en schone toilet- en doucheruimte aangetroffen. De douche werkt zonder muntjes/geld, maar gewoon met uitstekend functionerende kranen. Het water is nog heet ook, maar dankzij de kranen prima te regelen. Wat een genot, hier komt een mens echt van bij. Na de douche luister ik nog een tijdje naar de radio en de MP3-speler. Rond negen uur kruip ik in de slaapzak, morgen weer vroeg dag.