Te voet onderweg naar ons stationnetje is het droog, wel 7/8 bewolkt. Het is 18 graden in de plus. Naar verwachting wordt het vandaag zo’n 22 graden in de plus. Prima weer om te stadswandelen. Tja, vanmiddag mogelijk een buitje, maar dat zien we dan wel weer.
De trein is mooi op tijd en er zit bijna niemand in. Is er iets aan de hand? De conducteur kunnen we het niet vragen, want hij laat zich niet zien. Of… vandaag wordt de laatste etappe van de Tour de France gefietst en ook is het de finale vrouwenvoetbal Engeland tegen … (dat ben ik vergeten, sowieso niet Nederland, want ik zie nergens ‘oranje’).
Zit iedereen vandaag voor de ‘kwelbuis’?
De trein brengt ons zonder mankeren naar station Amsterdam CS.
Eerst de KMA (koffie met appeltaart) in Loetje.
Nou, de appeltaart smaakt hetzelfde als de vorige keer, maar volgens mij doen ze zuiniger met de slagroom. Kwam de appeltaart vorige keer ook zo uit de koelkast? In elk geval is mijn punt ijskoud. Even in de magnetron kon er zeker niet vanaf. Ik zeg er maar niets van, volgende keer nuttig ik elders de KMA.
De stadswandeling ‘Maritiem verleden’ heeft in totaal een lengte van 15 kilometer.
Dat is gewoon te veel voor een middag. Vorige keer hebben we dus het westelijke deel gedaan, nu doen we het oostelijke deel. Tja, de aanlooproute voor dit deel deden we de vorige keer ook al, maar dat maakt eigenlijk niet uit.
Eerst de inleiding uit het gidsje.
Oostenburg is de volgende deel van onze maritieme wandeling. Het is met Kattenburg en Wittenburg één van de Oostelijke Eilanden die in de jaren vijftig en zestig van de 17e eeuw in het IJ werden aangelegd. Oostenburg groeide in die tijd uit tot het belangrijkste gebied van de Oost-Indische Compagnie.
Tegen Oostenburg aan ligt het Oostelijk Havengebied. Een belangrijke stap in de ontwikkeling van dit havengebied was de aanleg van de Handelskade. Die was vanwege de noodzakelijke uitbreiding en modernisering van de haven hoogst noodzakelijk. Amsterdam kreeg toen voor het eerst een haven aan diep water, direct aan het IJ. Daarvoor vonden de belangrijkste havenactiviteiten plaats in het Oosterdok en aan de Nieuwe Vaart.
Na het Oostelijk Havengebied, waar we zicht hebben op het KNSM- en Java- eiland, bezoeken we de andere twee Oostelijke Eilanden. Wittenburg met zijn particuliere werven, Kattenburg met het vroegere terrein van de Admiraliteit, later Marine.
Op het eind van de wandeling komen we op de Prins Hendrikkade met markante maritieme monumenten zoals een belangrijk pakhuis van de West-Indische Compagnie, het woonhuis van admiraal de Ruyter en het Scheepvaarthuis, vroeger hoofdkantoor van een aantal rederijen. Rechts van de Prins Hendrikkade zien we wat is overgebleven van het in 1832 aangelegde Oosterdok.
Ok, we gaan van start. Zoals gezegd eerst de aanlooproute vanaf Amsterdam CS. Kijk, ik ben hier eerder geweest, maar deze meneer koekepeer zie ik voor het eerst.
Ai, Prins Hendrik der Nederlanden (1820-1879). Hij was de derde zoon van Koning Willem II en Anna Paulowna. Sowieso niet te verwarren met prins Hendrik (1876-1934), de echtgenoot van Koningin Wilhelmina. Ik weet dat precies, want ik verblijf regelmatig ten paleize en daar hangen al die snuiters aan de muur. Hm, een ruiterstandbeeld kon er zeker niet vanaf. In elk geval een martiale snor, daar kan menigeen een punt aan zuigen.
Dit pand zagen we ook al tijdens deel I, het luxe 5-sterren Grand Hotel Amrâth Amsterdam gevestigd in het Scheepvaarthuis, is een ruim 100 jaar oud monument in Amsterdamse School-stijl. Het hotel beschikt over 205 luxe kamers, waarvan 22 suites, 8 vergader- en evenementzalen, Bar Lounge en een Spa & Wellness centre. Grand Hotel Amrâth Amsterdam ligt op slechts 500 meter van het Centraal Station, is goed bereikbaar vanaf de snelweg en beschikt over een eigen parkeergarage. Sowieso een prachtig gebouw. Een keertje overnachten is er nog niet van gekomen.
Inmiddels hebben we het Entrepotdok gebied bereikt. Daar zijn we vorige stadswandeling zo ongeveer gestopt. Nogmaals de tekst:
Het Entrepotdok is vanaf 1827 in gebruik genomen. Amsterdam kreeg te maken met sterke concurrentie van andere havensteden en moest daarom de doorvoerhandel efficiënter organiseren. Dit gebeurde door ingevoerde goederen tijdelijk op te slaan in pakhuizen op een afgesloten terrein vrij van invoerrechten.
Omdat de schepen steeds groter werden, moest het Entrepotdok in 1902 verhuizen naar de Cruquiusweg in het Oostelijk Havengebied.
Na de verhuizing in 1902 en toenemende verwaarlozing vond de afronding van de ingrijpende renovatie door architect Van Stigt in 1985 plaats tot het grootste bewoonde pakhuizencomplex van Amsterdam.
Ik neem aan dat in het pand Entrepotdok 1 toentertijd de havenmeester kantoor hield.
Zou het pand bewoond zijn? De tuin kan wel een kleine opknapbeurt gebruiken.
Al deze woningen bevinden zich in het Entrepotdok. Het lijkt mij hier prima wonen.
Iets verder zicht op het Entrepotdok, zo heet het water nu eenmaal. Het heeft wel wat, zo’n sloep. Zwemvesten bespeur ik niet.
Voor een biertje kun je hier terecht. Dat doen wij maar niet.
Deze havenkraan is in 1951 gebouwd door de machinefabriek Figee in Haarlem.
Deze havenkraan maakte deel uit van een bestelling van vermoedelijk vier kranen voor het oude Handelsentrepot. De kraan tilde ladingen uit het ruim van een schip, reed vervolgens over (inmiddels verwijderde) rails naar het juiste pakhuis en zette de vracht daar voor de deur neer. De lading werd vervolgens met de hijsinstallatie van het pakhuis naar binnen getakeld. Er waren hier al vanaf het begin van de 20e eeuw één of meer elektrische kranen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden ze verwoest of vernield, zodat er tijdens de Wederopbouw behoefte was aan nieuwe kranen. Dit is de enige kraan die behouden bleef nadat de pakhuizen in de jaren 1970 in onbruik raakten en in de jaren 1980 verbouwd werden tot woningen. De havenkraan werd in 2014 aangewezen tot gemeentelijk monument en datzelfde jaar gerenoveerd in Zaandam.
Zicht op de Entrepotdoksluis. Wat is te duur?
Ah, de huur.
Iets verder bevindt zich Museum ’t Kromhout. Momenteel gesloten en door het hek is het maken van een foto niet mogelijk. We lopen verder de Hoogte Kadijk af.
Hier heeft iemand de kwast ter hand genomen.
De stellingmolen ‘De Gooyer’ uit 1814. Draaivaardig, maar momenteel buiten bedrijf. Tjonge, ik heb nog nooit zo’n hoge stellingmolen gezien.
We nemen linksaf de Sarphatistraat, steken de Dageraadsbrug over met zicht op de gracht.
We slaan linksaf de Oostenburgergracht op. We zijn nu op Oostenburg, vroeger een belangrijke vestigingsplaats van de VOC. Dit eiland werd drooggelegd in 1665 op aangeslibde grond in wat toen nog het IJ was. Eerst was de VOC gevestigd op Rapenburg. Door de enorme expansie moest de VOC uitwijken naar Oostenburg.
Er kwamen drie, later vier scheepshellingen, grote magazijnen voor zowel scheepsmaterialen alsmede aangevoerde goederen uit Indië, een lijnbaan en smederijen voor bijvoorbeeld ankers. Kantoren en woningen ontbraken niet.
Na 50 meter zien we rechts een plaquette op de zijmuur (achter een hekwerk!). Ik meende dat Tsaar Peter de Grote alleen in Zaandam had gewerkt. Nu kom ik erachter dat Peter de Grote slechts acht dagen in Zaandam heeft doorgebracht. Hij werd daar lastiggevallen en het bleek hem al snel dat in Zaandam niet het type schepen werd gebouwd dat hij voor ogen had. Op de VOC-werf in Amsterdam heeft hij van augustus 1697 tot januari 1698 vier maanden gewerkt (en veel kennis opgedaan).
Dit historisch pand was het pakhuis van de vroegere lijnbaan (touwmakerij) van de Admiraliteit (later de Marine geheten). Op het huis, dat voor de lijnbaan stond, staat drie keer het wapenschild van de Admiraliteit, te herkennen aan de gekruiste ankers. Overigens, ik tel maar twee wapenschilden.
Iets verder lopen we langs een gebouw dat vroeger kantoor en pakhuis van de VOC was. We zien boven in de gevel de letters A VOC die staan voor de Amsterdamse kamer van de VOC.
Kijk, aan een ijsje zijn we wel toe. Drinken hebben we in de rugzak en ook nog iets om te ‘knagen’. Het is zonnig, iedereen is luchtig gekleed. Toch begint het iets te betrekken.
We lopen langs de Nieuwe Vaart, een voormalig havengebied, vooral voor de KNSM. Rechtsaf Compagniestraat en weer rechtsaf de Admiraliteitsstraat. Die volgen we als deze naar links gaat. We komen bij het Oostenburgerpark. Hier hebben we een mooi kijkje op het voormalige Nieuwe Magazijn. Dit pakhuis voor suiker en salpeter is in 1720 gebouwd als vervanging voor het al bestaande, in 1822 ingestorte ‘Grote Magazijn’. Het is sinds 1998 appartementencomplex.
Zomaar een tekst.
We lopen door het park naar het water schuin rechts voor ons. We bereiken de Oostenburgerkade. We lopen die helemaal af. Bij de voetbalkooi rechtsaf, dan linksaf tien meter de Conradstraat op. Daarna rechtsaf de Tweede Leeghwaterstraat en direct linksaf de Czaar Peterstraat. Na het viaduct steken we de drukke weg over en volgen bij de tramhaltes rechtdoor de trambaan.
Bij een volgende drukke weg aangekomen, steken we het kruispunt over naar de negentien verdiepingen hoge IJ-toren. We lopen erlangs en dan links naar de kade.
Over de weg zien we de Ertshaven met aan de overkant van het water het gebied waar de Koninklijke Nederlandsche Stoombootmaatschappij (KNSM) vroeger huisde.
In 1903 ruilde de KNSM het haventerrein op de Nieuwe Vaart in voor dit eiland in het Oostelijk Havengebied. In 1979 kreeg de gemeente de gebouwen in bezit toen de havenactiviteiten in dit deel van Amsterdam voorbij waren.
Wat is dit voor iets?
Ik vind het volgende, het lijkt me echt iets voor mij:
Odessa is een replica van een 16e-eeuws koopvaardijschip uit Oekraïne, in 1974 gebouwd met de romp van het oorspronkelijke schip. Ze werd aan het einde van de 20e eeuw naar de Veemkade in Amsterdam gesleept, waar het schip een tijdlang dienst heeft gedaan als restaurant en uitgaansgelegenheid. In april 2016 is het schip aan het IJ opnieuw geopend als een ontmoetingsplaats voor mensen die verdieping zoeken binnen de thema’s duurzaamheid, bewustzijn, creativiteit en verbinding. Vanaf heden is Odessa beschikbaar voor bedrijven en organisaties voor de organisatie van evenementen, bedrijfsuitjes en productpresentaties. We bieden een programma op maat: ontbijt, lunch of diner en een prikkelende workshop van een van onze professionele trainers. Odessa is de ideale plek om even los te komen van de dagelijkse werkelijkheid en met collega’s of relaties aandacht te schenken aan bezinning, ontspanning en inspiratie. De bijzondere geschiedenis, de prachtige locatie aan het IJ en de originele programmering geven Odessa een unieke sfeer.
We lopen linksaf over de kade, daarna direct bij het pleintje naar links. Rechtsaf de Oostelijke Handelskade op, langs een rijtje huizen toentertijd gebouwd voor kantoorpersoneel van de KNSM.
Bij nr. 44 passeren we Stadscafé De nieuwe KHL. Het heeft een goede sfeer en een zonnig terras. Gebouwd als kantine voor de mensen van de KNSM.
Iets verder lopen we langs het vroegere Ontsmettingsgebouw annex badhuis, behorend bij het naastgelegen Lloyd-hotel. Migranten die met een schip van de Lloyd naar Zuid-Amerika wilden reizen, werden hier gecontroleerd op luizen en op besmettelijke ziekten. Hun kleding werd hier ontsmet. Het werd ook gebruikt als quarantainegebouw, voor landverhuizers die een ziekte onder de leden hadden. Het huidige gebouw is de hoofdvleugel. Samen met verdwenen verbindingen met het hotel vormde het een U-vormig geheel om een binnenplaats heen. De vormgeving is vrij sober. Bijzonder is wel de geveltop, gelijkend op die van het hotel, met repeterende ojiefvormen (afwisselend bol en hol), zoals sporadisch te zien bij oude panden in de binnenstad.
Het Lloyd Hotel is in opdracht van de KHL door Evert Breman in 1918 gebouwd.
Het Lloyd Hotel was een opvangcentrum voor Oost-Europese emigranten die met de trein naar Amsterdam kwamen en hier in de haven de boot namen naar Zuid-Amerika.
Later werd het opvangcentrum overbodig en werd het in 1937 een gevangenis.
Dat bleef het in de Tweede Wereldoorlog – in gebruik door de Duitsers – en daarna was het tot 1989 jeugdgevangenis. Na sluiting namen kunstenaars het in bezit tot de onvermijdelijke verbouwing die in 2004 is afgerond. Nu is het een echt hotel.
Wat is er hier gebeurd? Iemand?
Na het hotel zien we op nr. 12 weer een vroeger KHL-gebouw uit 1920. Het werd door financiële problemen in 1922 hoofdkantoor van de rederij.
Uw piano ontstemt?
Het is iet of wat winderig (goed vasthouden!), maar de verwachte regen blijft gelukkig uit. Bij Bagels & Beans aan de Veemkade genieten we koffie/chocomel/juice en een broodje.
Vaar mee met de zondagstochten met IJ-veer XIII, ook wel het Nieuwendammer-bootje genoemd. IJ-veer XIII wordt bemand door vrijwilligers die het historische IJ-veer een warm hart toedragen en zich inzetten voor het behoud van het schip.
Ook is te zien de Jan Schaeferbrug die over de IJhaven ligt en de Piet Heinkade verbindt met het Java-eiland. De brug is ontworpen door architect Ton Venhoeven en is genoemd naar de politicus Jan Schaefer (1940-1994).
Nogmaals de Jan Schaeferbrug, maar op de achtergrond een gigantisch cruiseschip.
Is dit de Celebrity Eclipse? Dat zo’n schip blijft drijven en met zijn 17 (14/15?) dekken niet omvalt! De Titanic had een lente van 269 meter (de Celebrity Eclipse 317 meter), een breedte van 28 meter (Celebrity Eclipse 37 meter), een hoogte van 53 meter en een diepgang van 10,5 meter (Celebrity Eclipse 8.30 meter). Brutoregistertonnage van 46.329 (Celebrity Eclipse 121). Bovendien een capaciteit van 3.547 (Celebrity Eclipse 4.050) personen.
400 jaar na de geboortedag van Willem de Zwijger (1533) is in 1933 dit moderne koelpakhuis gebouwd aan de Oostelijke Handelskade. Het was in gebruik tot de jaren tachtig. In verband met sanering is een groot aantal pakhuizen aan de Oostelijke Handelskade gesloopt en vervangen door nieuwbouw en dat dreigde ook voor Pakhuis de Zwijger.
De gemeente wilde toch enkele van die pakhuizen behouden. Er werd toen een manier gezocht om op de geplande plaats zowel een brug te plaatsen als het pakhuis te behouden. Ton Venhoeven kwam toen met het idee van een onderdoorgang in het pakhuis. Het plan van architect Venhoeven leverde een unieke constructie op. Aan het zuideinde landt de brug in het pakhuis, dat door een ingrijpende verbouwing delen van de onderste etages mist. Er gaat ook een buslijn over de brug en door het pakhuis. Pakhuis de Zwijger werd in september 2001 tot rijksmonument benoemd en in 2006 als cultuurcentrum in gebruik genomen.
En dit is Pakhuis de Zwijger vanaf de andere kant.
Na Pakhuis de Zwijger steken we de verkeersweg over en lopen onder het viaduct door. Na de brug linksaf, de Marinierskade op. We zijn op Kattenburg. De scheepvaart speelde hier een belangrijke rol. Even een blik op de Dijksgracht.
Aan het einde van de Marinierskade nemen we het bruggetje over de Kattenburgervaart. Nu zijn we op een ander eiland: Wittenburg. Ook hier waren veel scheepswerven.
Ze waren in particulier bezit.
We gaan na het bruggetje rechtdoor naar het Windroosplein. Bij de Kleine Wittenburgerstraat rechtsaf. Na de Jacob Burggraafstraat zien we links het Groenlandhuisje staan. Het is in 2005 teruggebouwd.
We lopen verder naar het monument ter hoogte van de Poolstraat.
Dit beeld uit 1984 is een herinnering aan het scheepvaartverleden van de Oostelijke eilanden. Het kunstwerk stelt een schip voor dat hoog op de golven staat. Het boegbeeld is een weelderige dame, aan de achterkant zien we de gezichten van slachtoffers van het VOC-avontuur. Het beeld drukt zowel bewondering voor de ondernemingszin uit als afschuw voor de in naam van de VOC begane wreedheden. Dit laatste gevoel wordt versterkt door de tekst van Multatuli op het beeld: ‘er ligt een Roofstaat tussen Oost-Friesland en de Schelde’.

Hier kijken we uit over de Kattenburgervaart.
Na het monument oriënteren we ons op de Oosterkerk. We lopen 20 meter in die richting en dan rechtsaf, trap af, Kippebrug over, rechtsaf langs het water, eerste straat linksaf.
We steken de drukke straat over, dan linksaf. Er staat hier een monument, maar een bordje, ho maar.
Na 50 meter bij de poort van het ten dele vrij toegankelijke Marine Etablissement rechtsaf.
We gaan rechtdoor tot het wat hogere gebouw aan de linkerkant. Hier was vroeger de officiersmess en de officiersverblijven. Het is nu Pension Homeland met hotel, café, restaurant en brouwerij.
Voor het gebouw linksaf en dan rechtsaf naar de ingang van café en terras. Na het terras lopen we links langs het water. Blijf het water volgen tot we linksaf moeten. Hier hebben we zicht op een replica van het VOC-schip ‘De Amsterdam’.
Bij het gebouw van de Voorwerf weer linksaf en dan rechtsaf door de poort.De Voorwerf is een onderdeel van het in 2015 gedeeltelijk opengestelde marineterrein.
Op dit terrein kwam vanaf 1655 een grote scheepswerf waar schepen werden gebouwd voor de Admiraliteit. De te bouwen schepen werden in de loop der tijden te groot voor Amsterdam. Daarom ging de werf naar Den Helder. In 1915 sloot de werf in Amsterdam en werd het complex het Marine Etablissement Amsterdam.
Bij de restauratie van het monumentale Poortgebouw in 1995 werd een deel van de bouwkosten gereserveerd voor een kunstwerk. Hiermee is destijds de fontein aangeschaft, die nu nog altijd een prominente plaats inneemt op de Voorwerf. In de fontein staan vier ‘boegbeelden’: sterke vrouwenfiguren die tezamen een grote bol in de lucht houden.
Uit de vrouwenfiguren spuit water op de bol, waardoor het lijkt of deze draait; als een wereldbol dus. De maker van de beelden is Arthur Spronken (1930-2018), een Nederlandse beeldhouwer die vooral bekend is geworden door zijn dynamische beelden van paardentorso’s, danseressen en amazones. Zijn typische vormtaal is ook in de boegbeelden terug te zien. De fontein staat in principe alle dagen aan, alleen bij naderende vorst wordt de fontein uitgezet.
De Oasepoort.
Aan de muur van de Kattenburgerstraat is een plaquette bevestigd, die herinnert aan de tijd dat Vincent van Gogh op ‘’s Lands Werf’ verbleef. Hij woonde van 1877 tot 1878 bij zijn oom Johannes van Gogh, die op dat moment commandant was op de werf.
Vincent studeerde toen theologie, hij had een kamer in de zijbeuk van het poortgebouw, vlak bij het huidige Scheepvaartmuseum. Hij genoot enorm van het prachtige uitzicht op de werf. Zo schreef hij in een van zijn brieven:
‘Dezen morgen was ik vroeg op, het had des nachts veel geregend maar zeer vroeg brak de zon door de wolken heen, de grond en de stapels hout en balken op de werf waren doornat en in de plassen weerkaatste de lucht geheel goud door de opkomende zon en om 5 uur zag men al die honderden werklieden als kleine zwarte figuurtjes overal heen zich verspreiden.’
We kijken aan tegen het vroegere Zeemanshuis. Van 1857 tot 1985 was het een tijdelijke verblijfplaats voor zeelieden.
Aan het huidige Scheepvaartmuseum (vanaf 1973) brachten we al een uitgebreid bezoek (https://www.hanshike.nl/scheepvaartmuseum-nov-2024/). In 1656 is dit voormalige pakhuis gebouwd als ’s Lands Zeemagazijn. Hier bewaarde De Admiraliteit scheepstuig en andere scheepsbenodigdheden. Een aanrader dit museum, maar trek er wel ruim de tijd voor uit.
We gaan rechtsaf de Prins Hendrikkade op en de brug over.
Op 4 mei 1878 werd door koning Willem III de eerste steen gelegd voor de bouw van de Kweekschool voor de Zeevaart. Op 1 augustus 1880 werd het gebouw in gebruik genomen. Het ontwerp werd geleverd door W. Springer in samenwerking met zijn zoon J.L. Springer.
De gevel aan de Prins Hendrikkade vertoont een symmetrische, monumentale opzet met vooruitspringende midden- en zijpartijen, die worden bekroond door trapgevels.
Het gebouw is opgetrokken in een rijk gedecoreerde neo-stijl, geïnspireerd op de Hollandse renaissance uit het eind van de 16e begin 17e eeuw. Deze Oud Hollandsche stijl werd vanaf omstreeks 1870 beschouwd als de nationale stijl bij uitstek en was zeer geliefd bij opdrachtgevers en architecten.
De middenrisaliet is versierd met een gebeeldhouwd reliëf met een allegorische voorstelling van Zeevaart. De gevel aan de zijde van de Schippersgracht is veel korter en nadrukkelijk als zijgevel behandeld. Mogelijk mede daardoor ligt het hoofdaccent niet op de met een overhoeks geplaatste afgesloten ronde hoek, maar op de middenrisaliet van de gevel aan de Prins Hendrikkade.
Vooral in de periode 1910/14 is het gebouw een aantal malen verbouwd en belangrijk uitgebreid, onder andere door architect C.B. Posthumus Meyes.
Tot 1971 werd in het gebouw zelfstandig onderwijs gegeven voor de opleiding tot scheepsofficier (vooral stuurmannen) op de koopvaardij. Leerlingen woonden in de school, in een internaat. Er waren zodoende niet alleen leslokalen maar ook slaapzalen, een keuken en ook een ziekenzaal. Ter instructie stond op de binnenplaats een zeilschip.
Op de hoek met de Schippersgracht kwam op de begane grond een telegraafkantoor, en later ook een postkantoor.
In 1970/1971 fuseerde de kweekschool met de zeevaartschool van het nabijgelegen Zeemanshuis. Samen telden de opleidingen toen nog zo’n 900 leerlingen, maar het vooruitzicht was dat het aantal zou verminderen. De nieuwe organisatie kreeg de naam Hogere Zeevaartschool Amsterdam.
Vermoedelijk zijn rond 1978 alle onderwijsactiviteiten uit dit pand verplaatst naar Nieuwevaart 5, naast het oude Zeemanshuis. Dit gebouw diende toen voornamelijk voor huisvesting van studenten van de opleiding, tot begin jaren 1980 op het binnenterrein een nieuw internaat werd gebouwd. Begin jaren 1990 werd het oude pand verbouwd tot bedrijfsruimten en een drietal woningen, met in het souterrain een ruimte voor lasergames.
Zijn er momenteel nog studenten van de Hogeschool van Amsterdam gehuisvest?
Tegenwoordig is het pand in gebruik door advocatenkantoor SOLV.
Aan de Prins Hendrikkade 176 staan twee voormalige pakhuizen met trapeziumgevels van de VOC, genaamd D’Oude Werf. Vanaf ongeveer 1608 werden de panden gebruikt voor het bouwen en repareren van de Amsterdamse vloot.
Rechts naast het complex een poortje met pilasters en fronton (midden 17e eeuw).
Deze poort voerde naar de VOC-werf. Bovenin zien we weer het VOC-embleem met de letters A VOC.
Ai, dit pand op nr. 171 staat niet in het gidsje. Bovenin het wapenschild met een schip en gereedschap.
Op de hoek Prins Hendrikkade – Peperstraat staat het kantoor van de Stoomvaart Maatschappij ‘Nederland’, die van hieruit de Holland West-Afrika Lijn exploiteerde.
De lijn verhuisde in 1929 naar het Spui. De rederij-activiteiten waren al eerder verhuisd naar het Scheepvaarthuis. Ook de Koninklijke Pakketvaart Maatschappij, een halve dochter van de SMN, was hier gevestigd. In 1970 fuseerde Holland West-Afrika Lijn en in 1977 gingen ze verder onder de naam Nedlloyd.
Voordat we de volgende brug bereiken, is het de moeite waard om de pakhuizen (van 1641 en 1642) op de hoek met het ’s Gravenhekje te bekijken. Ze waren van de WIC.
We zien zijn monogram GWIC. Dat staat voor de Geoctroyeerde West Indische Compagnie.
Ok, eigenlijk zijn we ‘rond’, maar we nemen nog wat mee van de vorige stadswandeling.
We steken de brug over waar we mooi tegen de Montelbaanstoren aankijken.
Deze toren stamt uit 1516. De naam is ontstaan doordat de Hertog van Alva (Alba) bij deze toren een kasteel wilde bouwen, en dit kasteel de naam Monte Albano wilde geven. Hier gingen de bemanningen van de VOC-schepen aan boord van kleine schepen die hen naar de rede van Texel brachten. Daar begon de reis pas echt.
Aan de Prins Hendrikkade 131 woonde admiraal de Ruyter van 1655 tot zijn dood in 1676. Zijn portret zien we in de gevel.
Het Scheepvaarthuis dateert uit 1916 en is een creatie van architect Van der Mey in de stijl van de Amsterdamse School. Van oorsprong is het scheepvaarthuis een gezamenlijk kantoorgebouw van een aantal rederijen. Zij besloten een kantoor met aanzien te bouwen met veel verwijzingen naar de scheepvaart. Onder andere de KNSM had hier zijn hoofdkantoor. Als laatste vertrok deze in 1981 uit het Scheepvaarthuis. Sinds 2007 is hier hotel Amrâth gevestigd.
We lopen naar het Centraal Station dat we vanaf hier al zien liggen.
Helaas, onze trein is nét weg, maar we zijn ruim op tijd voor de volgende.
De terugreis verloopt verder probleemloos. Na een frietje zijn we mooi op tijd weer thuis.
We hebben er een prachtige stadswandeling opzitten.
Als laatste de GPS-track.
Moet ik nog iemand bedanken? Oh ja, natuurlijk de schrijver van het gidsje:
Gerard Goudriaan. Overigens, is jou bekend dat de track niet in de pas loopt met het gidsje? Maakt verder ook niet uit, we hebben het allemaal prima gevonden.


